Je aankleden met een verlamde arm

Standaard

Een 20 jarig meisje loopt door een motorongeluk een plexus brachialis paralyse (Erbse parese) letsel op waardoor haar linker arm verlamd is. In onderstaand filmpje laat ze zien hoe ze eenhandig zich klaarmaakt voor de dag.

Lees het gehele artikel op Ad.nl

Advertenties

NTR Focus: Hoe word je een zorgeloos mens?

Standaard

Britse documentaire ‘Don’t Worry, Be Happy’ waarin presentator Michael Mosley onderzoekt hoe hij gelukkiger en optimistischer kan leven. Bijzonder om te zien hoe somberheid te lokaliseren is in de hersenen en ook daadwerkelijk te beinvloeden is door middel van enigszins eenvoudige oefeningen.

ntr_focus-zorgeloos-mens

Intrigerende docu-serie: Onze man in Teheran

Standaard

In VPRO’s vierdelige reisserie Onze man in Teheran laat Thomas Erdbrink, correspondent voor NRC Handelsblad en The New York Times, zien hoe je overleeft in een land (Iran) waar niets mag en alles kan.

Ik vind het een zeer intrigerende wereld die Thomas laat zien, die ver af staat van onze westerse wereld en denkwijze. Een passende documentaire serie bij het onderwerp diversiteit.

Bekijk hier aflevering 1:
Onzeman

Dementie documentaire: ‘Alive Inside’

Standaard

‘Alive inside’ is een Amerikaanse documentaire die laat zien wat de geweldige positieve invloed van muziek heeft op dementerende ouderen. Echt geweldig om te zien hoe mensen opleven en weer kunnen genieten in het moment. Als muziekliefhebben en ergotherapeut in opleiding lijkt het me erg interessant hier meer over te weten en wellicht te gebruiken tijdens ergotherapie behandelingen met dementerenden.

Highlights of ENOTHE 2014

Standaard

ENOTHE vond dit jaar plaats in Nijmegen. Het jaarlijkse internationale congres voor het European Network of Occupational Therapy in Higher Education (ENOTHE) had dit jaar 2 thema’s: Year of the brain & Reconciling Work and Family Life.

Voor mij (links) en Amy (2e van links) was het de tweede Enothe, vorig jaar waren we naar York in Engeland geweest. Dit jaar hadden we het genoegen om als derde jaars, twee tweede jaars mee te nemen, namelijk Julian (2e van rechts) & Babet (rechts).

Team Enothe

Ons studententeam met op de achtergrond onze flitsende fietsen van het hotel.

Systeemopstelling tijdens de workshop

Onze bijdrage vanuit de Hogeschool Rotterdam
Amy & ik hebben in samenwerking met docent Lisette de abstract geschreven en Julian & Babet mochten dit jaar zorg dragen voor de presentatie. Deze ging over het nieuwe keuzevak ‘Systeem bewust werken met mensen’. Docenten Arie & Ine hebben wij uitgenodigd om een workshop te geven op Enothe, aangezien zij de ontwikkelaars zijn van het interessante keuzevak. De docenten gaven uitleg en een demonstratie van een systeemopstelling.

De studenten presentatie gaf naast uitleg van het keuzevak ook een beeld van hoe de studenten het keuzevak hebben beleefd. Aangezien ik zelf ook het keuzevak gevolgd had kon ik Babet & Julian inhoudelijk begeleiden, dit was echt ontzettend leuk en leerzaam om te doen. Het voelde wel vreemd om aan de zijlijn te staan tijdens de presentatie, maar tegelijkertijd was ik ontzettend trots op de tweedejaars. Amy’s rol was het organiseren tijdens het proces en een objectieve blik op de presentatie, aangezien zij het keuzevak niet had gevolgd. Daarbij kon zij een zeer waardevol voorbeeld toevoegen bij de presentatie vanuit haar eigen ervaring.

HRvertegenwoordigers

V.l.n.r.: Rutger, Selma, Merel, Lisette, Amy, Ine, Julian, Arie & Babet

Na onze presentatie gaven Selma & Rutger ook een presentatie over een onderzoek waar zij beiden aan hebben deelgenomen. Hieronder de vertegenwoordigers vanuit Hogeschool Rotterdam op het Enothe congres:

Studentenplatform
IMG_7339Naast de keynote presentaties, posterpresentaties en workshops voor alle docenten, studenten en andere participanten tijdens het congres, was er dit jaar ook tweemaal een moment waarop studenten bij elkaar kwamen. Dit naar aanleiding van vorig jaar waarin de behoefte was uitgesproken een internationaal studentennetwerk op te zetten. De hosts van dit jaar (Nijmegen) hadden de leiding in deze bijeenkomst en vroeg de studenten naar hun behoeften. Er werd gesproken over de doeleinden van het netwerk, welke vorm, wie de verantwoordelijkheid draagt, de frequentie van deelname etc. Het was erg leuk om te zien hoe er zonder enige bijdrage van een docent een flinke groep studenten (ca. 50) aan het werk was om dit netwerk vanaf de grond op te bouwen. Een ontzettend goed initiatief en complimenten voor de Nederlandse organisatoren!

Máár dacht ik, waarom hebben we een dergelijke samenwerking niet in Nederland? Tussen de 4 ergotherapieopleidingen in Nederland wordt nog nauwelijks samengewerkt. Vorig jaar was er ook nauwelijks contact onderling op het congres. Tijd om daar verandering in te brengen tijdens dit congres. Daarom riepen wij als studenten van Hogeschool Rotterdam de studenten van de Hogeschool Amsterdam, de HAN (Nijmegen) en Hogeschool Zuyd (Heerlen) op om op zaterdag tijdens de lunch samen te komen om ideeën uit te wisselen over het opzetten van een nationale samenwerking tussen de ergotherapieopleidingen. Helaas was de HAN niet aanwezig, maar vanuit de overige scholen kunnen we vaststellen dat er behoefte is bij de studenten van alle ergotherapieopleidingen om meer samen te werken. Tijdens de internationale seminar in november aan de HvA zullen er vertegenwoordigers vanuit alle scholen bij elkaar komen om de samenwerking verder vorm te geven.  Super tof toch!

Daarnaast hebben we ook veel genetwerkt tijdens de borrel en de social diner, was het erg interessant om klaslokalen en het lesmateriaal van de HAN te zien en hebben we vooral ook veel lol gehad met elkaar. Of terwijl; het waren drie inspirerende en productieve dagen tijdens Enothe 2014, die genoeg stof hebben gegeven tot nadenken en kunnen leiden tot mooie dingen in de toekomst. Voor mij en Amy was dit helaas alweer de laatste Enothe. We geven het stokje door aan Julian & Babet en de nieuwe studenten en wensen ze veel succes voor volgend jaar in Bulgarije.

Betaald werk= participeren?

Standaard

Participeren en de participatiemaatschappij zijn modewoorden uit politiek Den Haag sinds koning Willem Alexander de troonrede  voordroeg: (vanaf minuut 0.27 tot 0.47 ).

Deze ommezwaai lijkt naadloos aan te sluiten op een aantal elementen van het burgerschapsmodel (bron 1), namelijk gelijke rechten, eigen regie, zelfbepaling en keuzevrijheid. Echter lijkt er over de andere elementen van het burgerschapsmodel nauwelijks aandacht te zijn besteed. Om dit nader te onderzoeken heb ik mij dit kwartaal verdiept in het begrip participatie. Wat houdt participeren in, wat betekent dit voor de burger en wat is de rol van ergotherapie daarin? Ik heb hierover kennis opgedaan door het werken in de wijk, het houden van 3 interviews, het bekijken van documentaires en het gebruik van andere bronnen.

Participeren
Participatie wordt veelal aangeduid als ‘meedoen aan het maatschappelijk leven’. Er is zelfs een participatieladder (bron 2) ontwikkeld door gemeenten met behulp van de VNG (Vereniging van Nederlandse Gemeenten). De Participatieladder is een meetinstrument waarmee je kunt vaststellen in hoeverre iemand, bijvoorbeeld een bijstandsgerechtigde of een wijkbewoner meedoen in de samenleving. – Participatieladder.nl
De ladder is onderverdeeld in zes treden:

participatieladder

Het lijkt een prachtig meetinstrument om mensen in hokjes te stoppen, iets waar we in Nederland erg van houden.
Aan de andere kant leven we in een maatschappij waarin vooral het individu centraal staat. Het individu die zich moet onderscheiden om mee te tellen. Het individu die #selfies post op Facebook of Instagram, zijn mening te pas en te onpas geeft en vooral moet presteren om de tofste baan te bemachtigen. (2doc: Alles wat we wilden). De lat ligt hoog, namelijk op niveau 6: betaald werk. Wat nou als je niet bij de hoogste treden van de participatieladder hoort? Ben je dan minder?

In gesprek
Uit nieuwsgierigheid heb ik drie mensen geïnterviewd die momenteel financieel afhankelijk zijn en niet de gewenste baan hebben. Ik was benieuwd naar wie ze zijn, hoe hun week eruit ziet, wat voor rol hun wijk daarbij speelt en hoe zij de toekomst voor zich zien. Een korte impressie per persoon:

Annemarie, 29 jaar woont samen met haar twee katten op het Noordereiland van Rotterdam in sociale huurwoning. Ze is sinds 2 jaar afgestudeerd op HBO-niveau. Voor haar levert haar vrijwilligerswerk haar meer voldoening dan haar huidige betaalde werk. Ze is op zoek naar een professionele baan waarbij ze gecoacht wordt door een ervaringsdeskundige. Momenteel wordt ze beperkt door haar volle agenda en ziet ze op tegen het solliciteren, ondersteuning hierbij zou welkom zijn. 

Participatiescore: 5.

Willem, 39 jaar woont samen met zijn kat al 17 jaar in het Oude Noorden van Rotterdam in een sociale huurwoning. Hij is sinds 6 jaar werkloos. Zijn gezondheidsproblemen en financiële situatie beperken hem enorm om eigen regie te kunnen voeren en te kunnen participeren in de samenleving. Het liefst zou Willem willen verhuizen uit zijn multiculturele wijk. 

Participatiescore: 1 á 2.

Henk, 52 jaar woont zelfstandig in Poeldijk. Jaren lang zelfstandige tuinder geweest, maar sinds 2 jaar zoekende naar een nieuw doel in zijn leven. Prioriteit heeft betaald werk vinden, zodat er brood op de plank komt. Maar dat is moeilijk, o.a. zijn bescheiden karakter maakt dat hij niet komt tot actie. Henk zou graag weer structuur willen krijgen gedurende de week en iets willen doen wat hij leuk vindt met andere mensen om hem heen.  

Participatiescore: 3.

Bovenstaande toont de grote diversiteit onder deze doelgroep aan. De participatiescore die is gegeven zegt eigenlijk niets. Elk persoon bezit een unieke ervaringsdeskundigheid van kennis, capaciteiten, wensen en behoeften (Burgeschapsmodel), dit heeft niets met een participatiescore te maken. Toch wordt maatschappelijke participatie voor een groot deel toegeschreven aan het hebben van betaald werk, maar wat voor invloed heeft dat op ons welzijn?

Literatuur: Verhoogt werk ons welzijn?
Rudi Wielers, Peter van der Meer en Henk de Vos beschrijven in het artikel “Verhoogt werk ons welzijn?” Uit het Tijdschrift voor Arbeidsvraagstukken 2011 (bron 3) dat we een zowel als individu als collectief  hoge prioriteit geven aan het hebben van betaald werk . We beschouwen betaald werk als een belangrijke vorm van maatschappelijke participatie, die welzijnsverhogend is.

Echter wordt middels dit artikel aangetoond dat de bijdrage van betaald werk aan het hedonisch welzijn niet erg groot is. (Het hedonisch welzijn is de balans van prettige en onprettige gevoelens bij het uitvoeren van een bepaalde activiteit (Kahneman et al., 2004).) Onderzoek waarin werkenden en werklozen worden vergeleken laat zien dat werkenden een hoger niveau van hedonisch welzijn bereiken dan werklozen. Dit is het geval ondanks dat werklozen veel meer tijd hebben voor bezigheden die aan werkenden veel welzijn verschaffen. Blijkbaar is het niet hebben van betaald werk van grote invloed op het hedonisch welzijn, waarschijnlijk als een mentaal kader dat alle activiteiten kleurt.

Daarnaast ervaren werklozen een lagere levenssatisfactie (mate van tevredenheid over het leven in algemene zin, gescoord middels Likkertschaal) dan werkenden. Extrinsieke aspiraties zoals de daling van het inkomen en minder maatschappelijk geaccepteerd zijn hebben hier invloed op echter wordt de kern van de frustratie bij werklozen vooral toegeschreven aan de intrinsieke aspiraties; verbondenheid met anderen, competentie en autonomie.

Voor werklozen lijken in ieder geval de behoefte aan autonomie en competentie slecht bevredigd te worden: ze zijn afhankelijk van een uitkering en gaan twijfelen aan hun competentie. Die behoeftes aan competentie en autonomie liggen zo diep verankerd dat de beoordelingen en gevoelens die eruit voortvloeien, weinig onderhevig zijn aan beïnvloeding door maatschappelijke normen. Voor een werkloze is het prettiger als werkloosheid maatschappelijk meer geaccepteerd is, maar die acceptatie vermindert niet zijn twijfel over zijn competentie en zijn gevoel van afhankelijkheid.

Als ergotherapeut zie ik een rol weg gelegd om deze doelgroep te ondersteunen en versterken, en te bepleiten (advocate) bij gemeente en andere relevante organisaties om die maatschappelijke norm te beïnvloeden.
Een praktisch voorbeeld hoe dat zou kunnen wordt beschreven vanuit de praktijkervaring werken in de wijk.

Werken in de wijk
Voor Stichting The Holland Road heb ik samen met drie andere studenten mij ingezet voor het huiskamerdiner in de Jacobustuin. Ter voorbereiding van het diner zijn we een week van te voren langs de deuren gegaan om mensen uit te nodigen voor het diner in de tuin. We raakten met mensen in gesprek over de tuin en kwamen tot de conclusie dat het een tuin is met veel historie.

jacobustuin

Voor de avond zelf hadden we het programma vorm gegeven in samenwerking met Jorien, oprichter van The Holland Road. Het doel van het diner was om de buurtbewoners en – ondernemers kennis met elkaar te laten maken en ideeën uit te wisselen over wat zij wilden met de tuin.

Ik representeerde onze groep en nam het voortouw in de uitleg van het programma en was groepsleider in een van de brainstormsessies. Aan het eind van de avond werden alle ideeën omtrent de tuin gedeeld. Bekijk hier de resultaten.

Hoewel er veel oud zeer naar boven kwam en met name de ‘oude garde’ flink was vertegenwoordigd was het een mooi voorbeeld van burgerparticipatie. Uit de brainstorm was o.a. naar voren gekomen dat er behoefte was aan sturing en coördinatie van de tuin, dit zou een prima rol voor een ergotherapeut kunnen zijn. Waarbij het wellicht ook een uitdaging is om de mensen die nu niet aanwezig waren ook zo ver te krijgen om te gaan participeren in de tuin.

Resumé
We zijn vanuit de verzorgingsstaat aangekomen in een nieuw tijdperk, waarin gesproken wordt over de participatiesamenleving. Er wordt gevraagd aan iedereen die dat kan de verantwoordelijkheid te nemen voor zijn of haar eigen leven en omgeving. Vanuit de gemeenten is de participatieladder ontwikkelt om te meten in hoeverre burgers meedoen in de samenleving.  Als ergotherapeut wens ik mensen niet op deze manier te beoordelen en in hokjes te stoppen. Door het label ‘participatiescore’ wordt de kloof tussen wél en geen werk hebben, participeren en niet participeren alleen maar groter.
Zoals in het artikel ‘Verhoogt werk ons welzijn?’ wordt aangegeven voelen de meeste werklozen zich al niet goed verenigbaar met de maatschappelijke norm, die stelt dat iedereen voor zichzelf moet zorgen en dus zijn eigen boterham moet verdienen. Dit kwam ook duidelijk terug in de interviews naar voren. Henk vertelde bijvoorbeeld:

Overal waar ik kom wordt er als eerst gevraagd hoe het met mijn werk staat, alsof dat mijn identiteit is. Ik vind het erg moeilijk om daar mee om te gaan.

Betaald werk is sterk overschat in onze maatschappij. Er zou meer aandacht moeten zijn voor intrinsieke aspiraties: verbondenheid met anderen, competentie en autonomie.
Als toekomstig ergotherapeut zie ik het als mijn taak om hier op in te springen. Ik zie kansen en mogelijkheden om de doelgroep die ik heb geïnterviewd te ondersteunen en versterken door ze te voorzien in hun behoeften en verbindingen te leggen tussen mensen. In het dossier benoem ik per persoon de kansen voor de ergotherapie. Maar een mogelijk voorbeeld om te kunnen komen tot een vorm van participatie komt voort uit de praktijkervaring werken in de wijk; het huiskamerdiner in de Jacobustuin.

Participeren is meer dan werk alleen, het is uitgaan van de kracht van ieder mens, ze de verantwoordelijkheid geven, waardoor ze zelf de regie in handen nemen, waarbij de nadruk ligt op het dóen waardoor men het gevoel krijgt dat ze er toe doen en op hun manier een steentje bijdrage aan de maatschappij. Dat is voor mij participeren.

Gebruikte bronnen:

  1. Burgerschapsmodel
  2. Participatieladder.nl
  3. Rudi Wielers, Peter van der Meer en Henk de Vos. (2011). Verhoogt werk ons welzijn?. Tijdschrift voor Arbeidsvraagstukken (27) 4, 467-486.

Participeren = betaald werk? (concept)

Standaard

Participeren en de participatiemaatschappij zijn modewoorden uit politiek Den Haag sinds koning Willem Alexander de troonrede  voordroeg.

Het is onmiskenbaar dat mensen in onze huidige netwerk- en informatiesamenleving mondiger en zelfstandiger zijn dan vroeger. Gecombineerd met de noodzaak om het tekort van de overheid terug te dringen, leidt dit ertoe dat de klassieke verzorgingsstaat langzaam maar zeker verandert in een participatiesamenleving. Van iedereen die dat kan, wordt gevraagd verantwoordelijkheid te nemen voor zijn of haar eigen leven en omgeving.

Participeren
Participatie wordt veelal aangeduid als ‘meedoen aan het maatschappelijk leven’. Er is zelfs een participatieladder ontwikkeld door gemeenten met behulp van de VNG (Vereniging van Nederlandse Gemeenten). De Participatieladder is een meetinstrument waarmee je kunt vaststellen in hoeverre iemand, bijvoorbeeld een bijstandsgerechtigde of een wijkbewoner meedoen in de samenleving. – Participatieladder.nl
De ladder is onderverdeeld in zes treden:

participatieladder

Het lijkt een prachtig meetinstrument om mensen in hokjes te stoppen, iets waar we in Nederland erg van houden.
Aan de andere kant leven we in een maatschappij waarin vooral het individu centraal staat. Het individu die zich moet onderscheiden om mee te tellen. Het individu die #selfies post op Facebook of Instagram, zijn mening te pas en te onpas geeft en vooral moet presteren om de tofste baan te bemachtigen. (2doc: Alles wat we wilden). De lat ligt hoog, namelijk op niveau 6: betaald werk. Wat nou als je niet bij de hoogste treden van de participatieladder hoort? Ben je dan minder?

In gesprek
Uit nieuwsgierigheid heb ik drie mensen geïnterviewd die momenteel afhankelijk zijn van een uitkering. Ik was benieuwd naar hoe hun week eruit ziet, wat voor rol hun wijk daarbij speelt en hoe zij de toekomst voor zich zien.

Annemarie, 29 jaar woont samen met haar twee katten op het Noordereiland van Rotterdam in sociale huurwoning.

Bernard, 39 jaar woont samen met zijn kat al 17 jaar in het Oude Noorden van Rotterdam in een sociale huurwoning.

Cornelis, 52 jaar woont alleen in Poeldijk.

Vraag beantwoorden: wat vinden zij belangrijk? De hoogste treden van de participatieladder? (Arbeidsparticipatie)

Nog uitwerken

Discrepantie
De maatschappij is prestatiegericht, maar of dat voor iedereen goed is durf ik te betwijfelen.

Wat nou als jouw gezondheid het niet toelaat om deel te nemen aan de hoogste trede van de participatieladder?

Het verschil tussen arm en rijk, sterk en zwak lijkt steeds groter te worden.

Nog uitwerken

Mijn rol / kans als ergotherapeut

Steuntje in de rug

Ik zie het als mijn taak als toekomstig ergotherapeut om alert te zijn op de huidige trends & ontwikkelingen en die van de toekomst. Door op de hoogte te blijven van wat er gaande is op macroniveau kan ik kansen signaleren op op microniveau. De toenemende werkloosheid is bijvoorbeeld een probleem op macroniveau. Als ergotherapeut zie ik kansen om mensen die werkloos thuis zitten bij elkaar te brengen, bijvoorbeeld in de wijk het Oude Noorden (microniveau).
De koppen bij elkaar steken is de basis om de handen uit de mouwen te steken en te gaan participeren. De moeilijkheid hiervan is dat deze kwetsbare groep veelal moeilijk te bereiken is. Onbekend maakt tenslotte onbemind, dus het is van belang duidelijk te communiceren wat ik te bieden heb en wat mensen er kunnen halen. Mijn rol zie ik als verbinder, ondersteuner, versterker, als coach in feite. Uitgaan van de kracht van ieder mens en ze daar op aanspreken, ze de verantwoordelijkheid geven, waardoor ze zelf de regie in handen nemen, waarbij de nadruk ligt op het dóen waardoor men het gevoel krijgt dat ze er toe doen en op hun manier een steentje bijdrage aan de maatschappij. Dat is voor mij participeren.